Werking van een accu

Meer
30 apr 2014 19:39 #348 door Frank
De loodaccu.

Loodaccu’s bestaan al heel lang, al meer dan 100 jaar. Tot op de dag van vandaag is dit type accu één van de meest gebruikte accu’s ter wereld. Mits goed behandeld hebben ze een behoorlijke levensduur en een redelijk rendement. Maar wat is dan goed behandelen? Met dit stukje wil ik proberen te vertellen hoe je het beste uit je accu kan halen.

Eerst een paar definities en dan iets over de werking van de loodaccu.

Er wordt meestal gesproken over ACCU’S en af en toe wordt ook de term CEL gebruikt. Een cel is het basis element. Een accu is opgebouwd uit meerdere cellen. Eén cel van een loodaccu geeft een spanning af van 2Volt. Een cel van 12V kan dus niet, dit moet een accu zijn, samengesteld uit 6 cellen (6 cellen x 2V = 12V).

Op een accu kan bijvoorbeeld het volgende staan:
U = 12V
I = 25A
Imax = 120A (5sec.)
C = 7Ah (C/20) of (20h)

U is het symbool voor spanning, deze wordt weergegeven in V (Volt). Dit is dus een 12Volt accu.
I is het symbool voor stroom, weergegeven in A (Ampère). Deze accu kan 25A continu leveren.
Imax is de maximale stroom die deze accu gedurende korte tijd kan leveren. Soms staat er ook nog een tijd bij hoelang deze stroom uit de accu getrokken mag worden. In dit geval dus 5 seconden.
C staat voor de Capaciteit en wordt weergegeven in Ampère-uur afgekort als Ah. Die h is van hour, het Engelse woord voor uur. De toevoegingen C/20 of 20h betekenen hier dat de capaciteit wordt opgegeven bij een ontlading met een stroom van één twintigste van de capaciteit oftewel ontladen in 20 uur. In dit geval dus ontladen met 0,35A.

Let op, ook als dit niet op de accu staat moet je er rekening mee houden dat de capaciteit vrijwel altijd opgegeven wordt bij een ontlading in 20 uur.

Hierboven ben ik er van uit gegaan dat alle informatie op de accu staat. Helaas is dat in de praktijk lang niet altijd zo. De spanning en de capaciteit staan er wel altijd op, naar de rest moet je vaak maar raden. Meestal staat er wel een typenummer op de accu. Google hier dus eens op of vraag het de fabrikant.

Hoe werkt een loodaccu?
Een loodaccu bestaat uit twee platen die de + en de – polen vormen. De + pool is een loden plaat bedekt met een laag loodoxide. De - pool is een plaat zuiver lood. De platen hangen in een bak met, in gedestilleerd water, verdund zwavelzuur (63% water 37% zwavelzuur). Dit noemen we meestal het accuzuur maar de juiste naam is elektrolyt.

Door een ingewikkelde chemische reactie ontstaat er een spanningsverschil tussen de platen en wanneer de + en de – platen via een gebruiker verbonden worden kan er een stroom lopen. Door die stroom wordt langzaam maar zeker het loodoxide omgezet in loodsulfide. Ook op de negatieve plaat ontstaat een laag loodsulfide. De concentratie van het zwavelzuur in het water wordt lager.

Wanneer alle loodoxide op is kan er geen stroom meer lopen en is de cel ontladen.

Laat je de accu een poos ontladen staan dan zullen de miniscule loodsulfide kristallen samen gaan klonteren en steeds grotere kristallen vormen, dit heet sulfateren. Die grote loodsulfide kristallen zijn hard en niet oplosbaar daarbij zijn ze ook nog eens elektrisch isolerend. Door die grote loodsulfide kristallen worden de platen onbruikbaar en kan je de accu weggooien.

Tijdens het laden wordt door een elektrochemische reactie het loodsulfide aan de plusplaat weer in loodoxide en aan de minplaat in zuiver lood omgezet. Hierbij komt ook het zwaverzuur weer vrij. Wanneer de hele + plaat met een laag loodoxide bedekt is, is de accu volledig geladen. In een helemaal geladen cel zit geen loodsulfide meer.

Er kunnen dus geen grote kristallen meer ontstaan zodat de accu niet meer kan sulfateren en kapot kan gaan. Het is dus heel belangrijk dat je een loodaccu NOOIT ongeladen weg zet.
De cel is dus helemaal opgeladen als er geen loodoxide meer op de + plaat bij kan. Naarmate de + plaat voller raakt met loodoxide zal de spanning iets omhoog gaan.

Wanneer een spanning van 2,3V per cel is bereikt is het tijd om te stoppen met het laden.

Tijdens het laden gaat een heel klein deel van de energie verloren als warmte en doordat een klein beetje van het water gesplitst wordt in waterstof en zuurstof.

Waterstof en zuurstof vormen samen het zeer explosieve knalgas. Daarom moet je loodaccu’s altijd laden in een goed geventileerde ruimte zodat het gas veilig weg kan!

Tijdens normaal laden verdwijnt er dus een klein deel van het water als gas daarom moet je af en toe het niveau van het elektrolyt controleren en indien nodig bijvullen.

Omdat alleen water verloren gaat mag je alleen met gedestilleerd water bijvullen en niet met zuur!!!! Doe je dat wel dan wordt de concentratie van het zuur te hoog, dit kan de platen ook aantasten. Ook mag je niet met gewoon kraanwater bijvullen.

In kraanwater zitten allerlei mineralen, vaak ook nog wat chloor, die de chemische processen in de accu kunnen verstoren waardoor de capaciteit minder wordt en de accu zelfs onbruikbaar kan worden.

Ga je door met laden als de accu vol is (laden tot meer dan 2,4V per cel) dan zal alle energie die nog in de cel gestopt wordt omgezet worden in warmte en in het splitsen van water in waterstof en zuurstof. Omdat er nu veel meer energie beschikbaar is voor het splitsen ontstaat er veel gas.

Als je met je oor tegen de accu luistert zal het lijken alsof de accu van binnen kookt. Als er veel gas ontstaat kan dat gevaarlijk zijn! Er ontstaat dan echt explosie gevaar, één klein vonkje en er kan een klap volgen. Als er veel water door gasvorming verdwijnt zal de concentratie van het zuur te hoog worden waardoor de accu ook kan beschadigen.

Energie afgifte en stroomsterkte bij het ontladen.

Hoeveel energie en hoeveel stroom een cel kan leveren (de capaciteit en de maximale stroom) hangen van veel factoren af waarvan de afmetingen veruit het belangrijkste zijn. Hoe groter de werkzame oppervlakte van de platen in de cel hoe groter de capaciteit en de stroom.

Een cel is van binnen vrijwel altijd opgebouwd uit meerdere platen. De + en een - plaat bestaan uit meerdere platen die om en om geplaatst worden. Bijvoorbeeld eerst een + plaat dan een - dan weer + weer - en soms nog wel een + en een - plaat. Tussen de afzonderlijke platen zitten scheidingsplaten. Dit zijn plaatjes van kunststof die moeten voorkomen dat de + en – platen tegen elkaar kunnen komen. Om het elektrolyt door te kunnen laten zijn de scheidingsplaten vaak van een soort sponsachtig materiaal gemaakt. De vloeistof en de ionen kunnen daar makkelijk doorheen.

Alle + platen worden parallel gemonteerd net als alle - platen. Hierdoor ontstaan dus platen met een heel groot oppervlak. Om het oppervlak van de platen nog groter te maken worden ze vaak ook nog geperforeerd. Door veel platen te gebruiken kan de cel veel stroom leveren.

Door die platen te perforeren wordt de stroom weer iets lager maar vergroot je wel de capaciteit. Zo bestaat er een afweging tussen capaciteit en maximale stroom. Afhankelijk van de toepassing kan je kiezen voor een hoge capaciteit bij een wat lagere stroom of een lagere capaciteit maar hogere stroom.

Gel accu's

Tot nu toe heb ik alleen geschreven over de zogenaamde NATTE ACCU. Wij gebruiken echter meestal gel accu's, ook wel DROGE ACCU'S genoemd. Eigenlijk is weinig verschil met de natte accu's. Het grootste verschil is het elektrolyt. Bij gel accu's is dit in gel vorm en niet vloeibaar. De gel zit in de scheidingsplaten en de ruimtes om de platen. Verder is de inwendige constructie ook iets anders maar dat heeft weinig invloed op de eigenschappen.

Gel in plaats van een vloeibaar elektrolyt heeft zo zijn voor en nadelen.

Een groot voordeel is dat je de accu nu in alle standen kunt gebruiken zonder dat je bang hoeft te zijn dat het elektrolyt uit de accu loopt of dat de platen droog komen te staan.
Een ander voordeel is dat er tijdens het laden minder gas ontstaat en het gas dat ontstaat wordt in de sponsachtige scheidingsplaten opgenomen. De waterstof en de zuurstof worden langzaam weer samen gevoegd (gerecombineerd) om weer water te vormen. Dit gebeurt op soortgelijke wijze als in een brandstofcel waardoor er geen gevaar bestaat voor ontploffingen of brand. Er ontstaat wel een beetje warmte waardoor gel accu’s tijdens het laden iets warmer worden dan natte accu’s.

Door deze manier van werken gaat er geen water verloren waardoor deze accu's vrijwel onderhoudsvrij zijn. Af en toe gedestilleerd water bij vullen is niet nodig, het kanl niet eens.

Toch moet je ook bij de gel accu's niet doorgaan met laden als de accu vol is en je kan de accu ook niet zo snel laden als een natte accu. Doe je dat wel dan ontstaat er veel gas, zoveel dat het niet snel genoeg gerecombineerd kan worden. Er ontstaat dan overdruk in de accu en via een veiligheidsventiel zal het gas ontsnappen.

Al het gas dat ontsnapt ben je kwijt en kan niet meer aangevuld worden. Het resultaat is dat de capaciteit van de accu achteruit gaat. Als je vaak overlaadt of heel snel laad zal de accu snel onbruikbaar worden.

Het laatste voordeel dat ik noemen wil is dat er minder snel sulfatering van de platen optreed. Dat wil niet zeggen dat het niet gebeurt, je moet ook een gel accu niet te ver ontladen en niet ongeladen wegzetten.

Het grootste nadeel van een gel accu is het feit dat ze minder stroom kunnen leveren. De chemische processen verlopen iets langzamer in de gel waardoor de maximale stroom die een gel accu kan leveren lager is dan een natte accu van gelijke afmetingen.

Ook is het niet mogelijk om verloren gegaan water uit de gel aan te vullen. Als er dus water door gasvorming verdwijnt ben je capaciteit kwijt.

Een ander nadeel is de capaciteit, deze is iets minder dus is een gel accu van een bepaalde capaciteit over het algemeen ook groter en zwaarder dan een natte accu van dezelfde capaciteit.

Als laatste nadeel wil ik de prijs noemen, gel accu’s zijn duurder dan natte accu’s.

Loodaccu's laden.

We weten nu hoe een loodaccu werkt maar hoe kan je hem het beste laden?

Het laden van een loodaccu is niets meer of minder dan een elektrochemisch proces waarbij loodsulfide op de + plaat wordt om gevormd naar loodoxide. De loodsulfide op de min plaat wordt omgevormd naar zuiver lood. Bij een lege accu kan er een flinke stroom lopen die zich over het hele oppervlak zal verspreiden. Je krijgt dan een bepaalde stroom per plaatoppervlak, bijvoorbeeld 10mA per cm2. Dit heet de stroomdichtheid.

Om het proces op een goede manier te laten verlopen is er een ideale stroomdichtheid. Een te lage stroomdichtheid betekent een lange laadtijd. Een te hoge stroomdichtheid is ook niet goed. Dit komt doordat er tijd nodig is voor de chemische reactie van loodsulfide naar loodoxide of lood. Hoe hoog deze stroom mag / moet zijn is afhankelijk van de constructie van de platen.

Het is de fabrikant die een maximum laadstroom moet op geven. Nu is het niet zo dat deze waarde heel erg nauwkeurig moet zijn. Binnen een bepaald gebied zal het laden prima verlopen. Als de stroom hoger wordt zal de reactie sneller gaan tot een bepaalde snelheid is bereikt, sneller kan gewoon niet. Alle extra stroom die er toch door de accu wordt gestuurd zal alleen de accu maar opwarmen en water splitsen.

Langzaam maar zeker zal de hele plus plaat bedekt raken met een laagje loodoxide. Omdat er steeds minder plaatoppervlak beschikbaar is zal de stroom ook minder moeten worden omdat anders de stroom per cm2 te hoog wordt. Wanneer de accu helemaal geladen is heeft het geen zin om stroom door de accu te blijven sturen, het laden kan dus stoppen, beter gezegd moet stoppen.

Als je dit zo leest zou je gaan denken dat een heel ingewikkelde lader nodig is maar dat is gelukkig niet waar. We kunnen gebruik maken van een eigenschap van de loodaccu. Naarmate de accu voller wordt loopt de spanning langzaam op en wanneer een spanning van 2,3V per cel is bereikt is de cel vol.

De lader is een elektronische schakeling die een maximale spanning afgeeft van 2,3V per cel. Voor een 12V accu is dat dus 13,8V. De maximale stroom die er kan lopen is begrensd op een waarde die ongeveer gelijk is aan de ideale stroomdichtheid.

Als er een lege accu op de lader aangesloten wordt is het spanningsverschil tussen de lader en de accu groot. Daardoor zal de maximale stroom gaan lopen. Naarmate de accu voller wordt stijgt de spanning en wordt het verschil met de lader steeds kleiner. Omdat het spanningsverschil kleiner wordt zal de stroom lager worden. Uiteindelijk zal de spanning van de accu gelijk zijn aan die van de lader en als er geen spanningsverschil is loopt er geen stroom. Op deze manier bereiken we precies wat we willen. Een hoge laadstroom als de accu leeg is, minder naarmate hij voller wordt en geen stroom meer als hij vol is.

Een aantal maren.

Eigenlijk zou hier het verhaal klaar zijn maar zoals altijd zijn er nog een aantal maren.
De celspanning en de temperatuur.

Ik heb een celspanning genoemd van 2,3V per cel. Dat klopt, bij een temperatuur van 25°C. De celspanning is namelijk afhankelijk van de temperatuur. Naarmate de temperatuur hoger wordt zal de celspanning lager worden. Bij 40°C is hij teruggelopen tot 2,20V per cel. Als de temperatuur daalt tot 0°C loopt de celspanning op naar 2,35V per cel.

ls je alles echt perfect wilt laten werken moet je dus de laadspanning aanpassen aan de temperatuur. Speciale loodaccu laders hebben deze aanpassing ingebouwd maar de “gewone” laders staan ingesteld op de spanning bij 20~25°C. Wanneer we gewoon thuis onze accu laden zal dit geen problemen geven en zal de accu gedurende zijn normale levensduur goede prestaties leveren.

Wel moeten we opletten als we onze accu willen laden bij hele lage temperaturen. Als we dan blijven laden met 2,3V per cel zal de accu nooit helemaal vol komen. Daar komt bij dat de capaciteit van de accu lager wordt naarmate de temperatuur daalt.

Een loodaccu mag nooit bevriezen, gebeurt dat wel dan is de accu meestal naar de maan en kan je hem weggooien. Bij een geheel geladen accu is de zuurgraad van het electrolyt het hoogst.

Zo'n accu zal pas bij iets van -25°C of zo bevriezen, daar hoeven wij niet zo bang voor te zijn. Bij een lege accu moeten we wel voorzichtig zijn. De zuurgraad is veel lager en de accu bevriest dus sneller.

Celspanning en gebruik van de accu.

Een tweede maar is dat de celspanning ook afhankelijk is van de manier waarop de accu gebruikt wordt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen cyclisch en stand-by gebruik. Cyclisch gebruik is de manier waarop wij meestal onze lood accu gebruiken. De accu wordt geladen en als hij vol is wordt hij van de lader gehaald. De accu wordt op het veld, de baan of in de boot gebruikt tot hij leeg is waarna hij weer opgeladen wordt.

Stand-by gebruik is de manier waarop een accu gebruikt wordt in bijvoorbeeld een noodstroom installatie. De accu hangt constant aan de lader die tegelijkertijd het apparaat van stroom voorziet. Valt de netspanning uit dan zal de lader / voeding geen stroom meer leveren en neemt de accu het automatisch over.

Omdat de accu bij stand-by gebruik constant aan de lader hangt moeten we er voor zorgen dat er geen laadstroom meer loopt als de accu echt vol is. Blijft er wel stroom lopen dan zal de accu er door opwarmen en zal het water in het elektrolyt splitsen in waterstof en zuurstof. Beide is niet goed voor de accu. Om deze reden zal de celspanning van 2,3V per cel echt aangehouden moeten worden Bij deze laders wordt ook bijna altijd de temperatuur compensatie toegepast om te zorgen dat veranderingen in de temperatuur geen nadelige effecten hebben op de levensduur van de accu.

Bij cyclisch gebruik kunnen we de celspanning iets verhogen om daarmee de accu iets sneller vol te krijgen en er ook iets meer in te krijgen. Bij deze vorm van gebruik mogen we de celspanning verhogen tot 2,45V per cel. Dit is dus een eindspanning van 14,7V voor een 12V accu. Voorwaarde is wel dat we de accu dan niet langer dan ongeveer 24 uur aan de lader laten hangen. Beter is om de accu van de lader te halen als de laadstroom gedaald tot ongeveer 1/100ste van de beginstroom. Er bestaan laders die afschakelen als de laadstroom zover gedaald is. Dit zijn de professionele laders die voor het laden van, bijvoorbeeld, heftruck accu’s gebruikt worden.

Als laatste een waarschuwing.

Lood accu’s kunnen echt slecht tegen (te) ver ontladen. Waarom is al ter sprake gekomen. Wat nu te doen al je accu om welke reden dan ook wel eens helemaal ontladen is? Het is dan zaak de accu zo snel mogelijk aan de lader te hangen om erger te voorkomen. Je moet echter wel zorgen dat niet direct de volle laadstroom gaat lopen. Als een accu echt helemaal ontladen is bestaat er in theorie geen verschil meer tussen de + en de – polen. Beide platen zijn gewone loden platen. Door eerst voorzichtig een kleine laadstroom bij een lage spanning (2V per cel) te laten lopen zorgen we ervoor dat alleen op de + plaat een dun laagje loodoxide begint te komen. Alle eventueel op de - plaat aanwezige loodoxide moet worden afgebroken en alle platen in een cel moeten terug naar hun begintoestand om te zorgen dat ze allemaal gelijk opgeladen kunnen worden. Alleen dan kan je de maximale capaciteit en stroom uit een loodaccu krijgen. Dit proces noemt men vereffenen.

De meeste van ons hebben maar één lood accu lader en daarmee is het niet mogelijk om een hele lage stroom in te stellen om de accu te vereffenen. We kunnen daarvoor de gewone lader gebruiken met een weerstand in serie. Deze weerstand moet de laadstroom (en dus ook de spanning) beperken tot ongeveer 0,1C voor deze vereffeningsstroom. Na een uur of 2 a 3 kan de weerstand er tussenuit en kan de accu normaal verder geladen worden. Het is niet de ideale manier maar wel goed bruikbaar.

De beste manier is een lader waarvan de spanning ingesteld is op 2V per cel en de stroom begrensd is op 0,1C. Sluit deze lader aan op de accu die vereffend moet worden en houdt de spanning in de gaten. Bij het aansluiten zal de spanning flink inzakken omdat de accu bijna een kortsluiting vormt. Naarmate de platen zich beginnen te vereffenen zal de spanning ongeveer 2V worden. Op dat moment zal de stroom minder gaan worden en het proces stoppen. Wacht dan nog een uur of zo voordat je de vereffeningslader eraf haalt en de gewone lader aansluit.

Veel te ver ontladen accu, wat dan?

En dan het geval dat je het niet in de gaten hebt dat de accu helemaal leeg is en de accu blijft een aantal dagen zo staan. Als dat gebeurd heb je een probleem. Meestal betekent dit het einde van de accu. Als je de lader aansluit zal er niet eens stroom gaan lopen, de accu lijkt wel een hele hoge weerstand. Dit komt door de grote loodsulfide kristallen die op de platen zijn ontstaan.

Een lood accu die te lang ongeladen heeft gestaan kan je eigenlijk direct wel weggooien. Dat komt doordat er te veel kleine kristallen zijn samengeklonterd tot grote niet meer afbreekbare kristellen. Een accu weg gooien doe je bij het chemisch afval! Sommige garages zijn ook bereid een oude accu aan te nemen. Die gaat dan mee met de accu’s van henzelf naar een speciaal bedrijf die de accu’s demonteert om er het lood uit terug te winnen.

Ik hoop dat de accu’s nu wat minder geheimen voor jullie hebben zodat jullie er, door ze goed te behandelen, langer plezier van kunnen hebben.

"Het forum is net een lopend buffet, je neemt wat je lekker vindt en wat je niet lust laat je liggen."
De volgende gebruiker (s) zei dank u: Ferry

Gelieve Inloggen of Maak een account aan om te deelnemen aan het gesprek.

Tijd voor maken pagina: 0.115 seconden
Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour